Schermen maken kleur door rood, groen en blauw licht op te tellen; drukpersen doen dat door vier inkten op papier te leggen. Een bestand dat in CMYK is opgeslagen, beschrijft inkt, en een browser die licht verwacht, moet het omzetten. Het resultaat is vaak een doffe of verschoven kleur, en sommige systemen kunnen zo’n bestand helemaal niet lezen.
CMYK-bestanden komen meestal via drukwerk in een webshop terecht: een catalogus, een verpakkingsontwerp, een export van een bureau. Verscheidene marktplaatsen vermelden dat ze de modus niet accepteren of waarschuwen dat hij fouten veroorzaakt, en vragen om RGB of het sRGB-profiel. Enkele specificaties die voor drukwerk en retailleveranciers zijn geschreven, accepteren nog beide.
Omzetten naar RGB in een beeldbewerkingsprogramma vóór het uploaden lost het probleem op, en het loont om de kleuren daarna te vergelijken, omdat felle blauw- en groentinten het meest veranderen. Foto’s van een telefoon of camera zijn van meet af aan RGB, net als afbeeldingen die voor het web zijn gemaakt.
